In the spotlight Saprodi

Saprodi is jaar in jaar uit stabiel
Het zetmeelras Saprodi zet zichzelf in de spotlight bij zowel telers als de verwerkende industrie. Naast de brede resistenties heeft het ras ook een stabiele en hoge opbrengst. Dit maakt Saprodi het favoriete ras bij de grootste verwerker van aardappelvlokken in Europa; Emsland Stärke. Kweker Roelof Sloots en accountmanager Frank Druyff van Semagri vertellen meer over de brede resistenties van Saprodi en waarom dit ras zo gewild is.
Roelof Sloots groeide letterlijk op tussen de aardappelen. Zijn vader was een gepassioneerd veredelaar die begin jaren ’60 startte met het verbeteren van aardappelrassen vanwege de toenemende ziektedruk. “Hij zag dat er problemen waren in de teelt met aardappelmoeheid, virusziekten en bacteriën. Via veredeling wilde hij rassen ontwikkelen die daartegen bestand waren. Zo is het begonnen.”
Roelof: “Mijn vader was echt een kunstenaar in het verzinnen van rasnamen. Seresta staat voor Sloots Eerste E Resistente Aardappel. Dat was een groot succes, op een gegeven moment was 50% van het zetmeelareaal gevuld met Seresta in Nederland.”
Frank: “Het mooie is: jij hebt dat stokje niet alleen overgenomen, je hebt het doorontwikkeld. Zoals met het ras Saprodi, een kruising tussen twee van je eigen rassen.”
Roelof: “Die kruising van Scarlet en Sofista uit 2004 bleek al snel een topper in de proefvelden. Wat Saprodi uniek maakt, is de combinatie van een brede resistentie tegen aardappelmoeheid en een hoge, stabiele opbrengst. Dat komt zelden voor.”
“Voor de verwerkers is Saprodi ideaal: een lichte vleeskleur, versuikert niet en is lang bewaarbaar.”
Accountmanager Frank Druyff (links) en kweker Roelof Sloots.
Frank: “Dat is ook wat verwerkers aanspreekt. Een grote verwerker zei zelfs: ‘Als we de fabriek op één ras mogen draaien, dan graag op Saprodi.’ Het versuikert niet, is lang bewaarbaar en levert een eindproduct van constante kwaliteit.”
Frank: “Het is het grootste ras bij Emsland en dat zegt wel iets. Het ras is daarnaast ook nog eens geschikt voor allerlei grondsoorten en klimaten. Van Zuid-Frankrijk tot Scandinavië, van Bretagne tot Oekraïne, overal doet het ras het goed. En ja, zelfs in China zijn proeven geweest.”
Frank: “De toekomst van Saprodi is zonnig. Maar zoals met topsport: het record is er om verbroken te worden. Misschien wel door een nieuw ras van Roelof zelf.”
Roelof: “We hebben nu een mooie basis, maar het stopt daar niet. We blijven doorontwikkelen. Er zit al een nieuw nummer in de pijplijn dat resistent is tegen phytophthora. Als dat lukt, zetten we echt een grote stap.”
Zetmeelras Saprodi is favoriet bij vlokkenproductie Emsland Group
Met zeven fabrieken in Duitsland en een jaarlijkse verwerking van meer dan 2 miljoen ton aardappelen is Emsland Group een zwaargewicht in de Europese zetmeel- en vlokkenwereld. Binnen dat enorme volume springt één ras er met kop en schouders bovenuit: Saprodi. Met inmiddels 3.500 hectare is het uitgegroeid tot het grootste ras voor de productie van vlokken. Wat maakt Saprodi zo succesvol? Onze accountmanager Frank Druyff sprak met Klaas Wijnholds, teeltbegeleider en grondstofinkoper bij Emsland Group, over de kracht van dit zetmeelras.
Saprodi scoort hoog op drie voor Emsland Group cruciale punten: opbrengst, resistenties en geschiktheid voor vlokkenproductie. “Dit ras heeft gemiddeld een zetmeelgehalte van 21,5% en past daarmee perfect in het vlokkensegment”, vertelt Klaas. “We zoeken voor dit segment rassen met een zetmeelpercentage tussen de 19 en 22%. Boven de 24% wordt het alweer minder geschikt voor vlokken. Saprodi zit precies goed.”
Bovendien is het ras volledig resistent tegen zowel aardappelmoeheid als wratziekte. Dit zijn belangrijke vereisten voor de telers en de verwerkende industrie. “En”, vult Klaas aan, “de opbrengst (zetmeel/vlokken) per hectare is hoog, wat het voor telers aantrekkelijk maakt.”
Bewaren is vakwerk
Toch kent ook Saprodi uitdagingen. De bewaarbarkeit is niet vanzelfsprekend. “Het is een ras voor mensen met ‘fingerspitzengefühl’. Wie zorgvuldig oogst en bewaart, kan hem prima tot mei goed houden. Maar dan moet je wel alles op orde hebben: MH spuiten ter bevordering van de kiemrust, kachels in de schuur om snel te kunnen drogen, juiste ventilatiecapaciteit, goed afgerijpte knollen en een juiste bewaarstrategie. Wie het goed doet, heeft er een top ras aan.”
“Bewaren van Saprodi is voor mensen met ‘fingerspitzengefühl’. Maar wie het goed doet, heeft er een top ras aan.”
De opmars van Saprodi begon in 2014, toen Emsland Stärke intensiever eigen rassenonderzoek ging doen. Klaas: “We schrijven jaarlijks kweekbedrijven aan en testen de rassen uitvoerig in samenwerking met proefbedrijven. We letten op resistenties, opbrengst, suikerontwikkeling tijdens bewaring en de geschiktheid voor vlokken.”
Wat blijkt? Saprodi scoort consequent laag op suikergehalte bij bewaring, dat is cruciaal. Te veel suiker beïnvloedt de kleur en kwaliteit van vlokken. “Bij ons ligt de aannamegrens op 300 mg suiker per 100 gram. Boven dat getal wordt de partij in principe geweigerd.”
“Saprodi combineert resistentie, opbrengst én verwerkingskwaliteit. Dat zie je zelden zo sterk in één ras.”
Inmiddels is Saprodi één van de grootste rassen binnen Emsland Group, evenals Novano en Amanda. Maar de groei is nog niet ten einde. “De vraag naar vlokken blijft stijgen en met Saprodi spelen we daar uitstekend op in”, aldus Frank. “Saprodi combineert resistentie, opbrengst en verwerkingskwaliteit. Dat zie je zelden zo sterk in één ras.”
Toekomst en duurzaamheid
Het ras Saprodi draagt ook bij aan duurzamere aardappelteelt. Door de hoge resistenties tegen bodemziekten past het goed in bouwplannen met intensieve aardappelteelt. Bovendien zijn er initiatieven voor biologische plaagbestrijding, zoals de inzet van roofmijten tegen bonenspintmijt. “Destijds zijn we een project gestart waarbij we de telers actief ondersteunen bij deze oplossingen”, zegt Klaas. “Een sterke keten is gebouwd op kennisdeling.”
Hoewel aardappelen de hoofdmoot vormen bij Emsland Group, is het bedrijf ook een grote speler in de verwerking van gele erwten. In de periode dat er geen aardappelen zijn – van februari tot augustus – schakelen de fabrieken in Emlichheim en Golßen over op erwtenverwerking.
Vleesvervangers
“Erwten zijn bij ons veel meer dan een nevenstroom”, benadrukt Klaas. “We verwerken jaarlijks zo’n 40.000 ton gele erwten. Dat komt bij een opbrengst van zo’n 4 ton/ha neer op zo’n 10 hectare teelt. Daarmee produceren we eiwitconcentraten en -isolaten voor vega- en plantaardige producten zoals vleesvervangers en plantaardige kazen.”
Volgens Klaas wordt het potentieel van erwten in Nederland nog vaak onderschat. “Er is relatief veel aandacht voor exotische eiwitgewassen zoals soja en lupine, maar erwten zijn hier al en de infrastructuur ligt er. Wij kunnen elke kilo contracteren. Wat dat betreft loopt Duitsland voor op Nederland. De markt voor plantaardige producten groeit hard en wij zijn er klaar voor – met aardappelen én met erwten.”
Klaas Wijnholds - Teeltbegeleider en grondstofinkoper bij Emsland Stärke
Klaas Wijnholds begon zijn loopbaan als bedrijfsvoorlichter in Noordoost-Nederland en werkte daarna 27 jaar als regio-onderzoeker op de proefboerderij in Rolde en Valthermond. Sinds 2014 is hij actief bij Emsland Stärke, waar hij onder meer het rassenonderzoek en de teeltbegeleiding in Nederland en aangrenzend Duitsland coördineert. Met zijn jarenlange ervaring is hij een sleutelfiguur in de selectie en inzet van geschikte zetmeelrassen.
Zijn favoriet? “Ik ben groot geworden met Seresta, het eerste volledig AM-resistente ras. Dat vergeet je niet zomaar.”